van 51 tot 60

51. Nooit op zondag.

Nooit op zondag (Ned. tekst: Rosetta Groen en A. Remy/uitvoering: Mieke Telkamp en ook Winny Dobber) Mieke Telkamp, pseudoniem van Maria Berendina Johanna (Mieke) Telgenkamp (Oldenzaal, 14 juni 1934 – Zeist, 20 oktober 2016) was een Nederlands zangeres. Ze is Nederland vooral bekend door het lied Waarheen, waarvoor, waarmee ze in 1971 haar comeback maakte.Telkamp heeft tussen 1953 en 1967 meerdere hits op haar naam geschreven. Ze werd in 1953 bekend met Here in my heart, een lied dat in 1952 door Al Martino werd gezongen.[1] Daarna bracht ze succesvolle nummers uit als Nooit op Zondag en Eb en Vloed.

Dit melodietje zingt van zon en van zeilen

met jou op de Middellandse zee

Een week lang heb jij het gezongen voor mij

en de wind en golven zongen mee

 

Een week was veel te gauw voorbij maar je zei

elke zondag wordt voortaan weer een feest

Die woorden maakten me zo blij, 'k hield me vrij

maar geen zondag ben jij er ooit geweest

 

Refrein,

Waarom ben jij nooit op zondag vrij

Heb je dan geen tijd of vergeet je mij

Waarom ben jij nooit op zondag vrij

Is die mooie tijd dan voorgoed voorbij

 

Ik weet nog hoe jij toen die week naar me keek

en je week geen seconde van m'n zij

Dus elke Zondag kijk ik uit bij elk geluid

dat van buiten komt denk ik daar ben jij

 

Op Maandag, Dinsdag, Woensdag, Donderdag,

Vrijdag en Zaterdag denk ik: deze week

Maar elke week gaat weer een Zondag voorbij,

waarom liet je me nu zo in de steek

 

Waarom ben jij nooit op zondag vrij

Heb je dan geen tijd of vergeet je mij

Waarom ben jij nooit op zondag vrij

Is die mooie tijd dan voorgoed voorbij

52. Het Westfriesland lied

Waar de golfjes kabb'len langs het IJsselmeer

hurken achter dijken vele dorpjes neer.

Daar ligt ons West-Friesland, 't land van veld en wei,

waar de bollen groeien in een bonte rij.

Ja, daar wil ik wonen, land van sloot en riet.

Dat is ons West-Friesland, dat vergeet ik niet!

 

Waar de leeuwerik zijn schoonste zangen zingt,

waar des avonds zacht en teer het Ang'lus klinkt.

Dat is ons West-Friesland met zijn bonte vee,

waar de bollen bloeien als een lentefee.

Hier en daar een molen als een wachter staat.

Dat is ons West-Friesland, dat ik nooit verlaat!

 

Waar de winter alles hult in witte sneeuw,

waarin wiekend zacht en teer een zilvermeeuw.

Waar langs gladde banen jong West-Friesland zwiert

langs de kale (ook wel: dode) akker waar geen plant (ook wel: bloem) meer tiert.

In het schone schijnsel, mooier nog dan ooit.

Dat is ons West-Friesland, dat vergeet ik nooit!

53. Medemblikker volkslied

Ik Zie je daar zo pittig liggen,

Rustig aan het IJsselmeer.

Medemblik waar ik ben geboren,

En zo gaarne wederkeer.

Met je echt antieke grachtjes.

Met je singel waar het spookt.

Met je dijk zo breed en machtig,

Om de zee die hem bestookt.

 

Medemblik is Radbouds veste.

Trots ligt daar je grijze slot,

als bewijs van oude glorie

en verleden roemrijk lot.

't Strijdgewoel is nu verklonken,

Zwaardgekletter is verstomd.

Vrede, vriendschap wachten beide,

Elke vreemd'ling die er komt.

 

Ik zie je daar zo pittig liggen,

rustig aan het IJsselmeer.

Medemblik waar ik ben geboren,

En zo gaarne wederkeer.

Met je fraaie ruime havens,

die de vissers schuilplaats bien.

Met je vroom en stoere bouwers,

'k Mag ze allen gaarne zien.

54. Het parelsnoer.

1939 Nadat hij met medescholieren van de HBS onder de naam the Four Dutch Serenaders heeft opgetreden met imitaties van Amerikaanse artiesten als de Mills Brothers ontmoet de uit Katendrecht (Rotterdam-Zuid) afkomstige Johnny Hoes tijdens de mobilisatie zijn latere vrouw in Weert. 1945 Als Zuid-Nederland bevrijd is organiseert Hoes feestavonden voor Amerikaanse militairen. 1952 - 1955 Hoes haalt zijn inspiratie uit de zeemansliedjes en straatliedjes van Katendrecht. Zangeres Helma zet zijn eerste liedje De Cowboy-soldaat op de plaat. Het liedje Zeemanshart, vertolkt door Eddy Christiani op de radio, wekt de interesse van Phonogram. 'Het was dan wel rommel, maar het liep als een trein’, zou hij later verklaren. Hoes gaat daar als artiest en producer werken, maar brengt zijn successen onder in een eigen muziekuitgeverij: Benelux Music. Het nummer Zeemanshart wordt door de Straatzangers (Willy Alberti en Max van Praag) op de plaat gezet. Er volgen meer hits, bijvoorbeeld Vaarwel Lieve Cowboy en Op Een Zeemansgraf. Samen met Jan Hendriks vormt hij het duo De Twee Jantjes waarmee hij cowboy- en jodelliedjes uitvoert. 1956 De Twee Jantjes nemen het liedje De Smokkelaar op. Ondanks het feit dat het nummer niet op de radio wordt gedraaid, wordt het toch een grote hit. 1957 Johnny Hoes ontdekt de Zangeres Zonder Naam (Mary Bey), die tot 1976 onder zijn hoede de ene hit na de andere scoort. Hoes neemt ook enkele duetten op met de ZZN als Johnny & Mary, waarvan De Voddenraper Van Parijs het bekendst is.

Klein Greetje ging dikwijls naar grootmoe

Wel zes, zeven keer op een dag

Ze vind het bij grootmoe zo heerlijk

Omdat ze van alles daar mag

Ze rommelt in kasten en laden

Dat vindt ze zo heerlijk en fijn

Daar ziet ze een pracht van een parelsnoer

Ach grootmoeder geef die aan mij

 

Refrein

Grootmoeder ziet haar aan met tranen in haar oog

Greetje m'n kind, kom even bij me staan

Jij vraagt aan mij waarvan ik niet kan schijden

Maar later als je groter bent, krijg jij dat parelsnoer

 

Klein Greetje liet 't hoofdje toen hangen

En keek naar de grond van verdriet

Ach grootmoe waarom krijg ik nou toch

dat prachtige parelsnoer niet

U bent nu al reeds in de zeventig

Misschien gaat u spoedig wel dood

Dan kan u het mij niet meer geven

Ach grootmoe ik ben toch al groot

 

Er werd een klein grafje gedolven

De schooljeugd die stond daar omheen

Daarbij stond een droevige grootmoe

Die keek naar het kistje beneên

Daarbij stond een droevige vader

Die alles verloor wat hij had

Eerst had hi 'vrouw moeten missen

en nu nog z'n enigste schat.

 

Grootmoeder ziet het kistje naar beneden gaan

Greetje m'n kind, wie had dat ooit gedacht

Dat jij van mij zo jong zou moeten scheiden

Dat parelsnoer dat is er nog, maar Greetje komt nooit weer.

55. Blauwe korenbloemen

De Zusjes de Roo is een Nederlandstalig zangtrio uit Emmen, dat bestaat uit Anneke, Willeke en Janneke de Roo. Al op jonge leeftijd houden de zusjes van zingen en treden geregeld met z'n drieën op. In 1970 doen zij mee aan een talentenjacht en winnen de eerste prijs. Deze bestaat uit het opnemen van een 45-toerenplaatje: Blauwe Korenbloemen. Het liedje is geschreven door Gert Timmerman, die zich tevens als manager inzet. Zo maken zij jarenlang deel uit van de Gert & Hermien-show. De single behaalt in 1971 de 11e plaats in de hitparade. De follow-up Een Witte Orchidee - later in 1971 - blijft steken in de tipparade. De Zusjes De Roo zingen in het Nederlands en zijn vijf jaar lang een begrip in Nederland en België geweest. Eind jaren negentig overlijdt Willeke. Janneke de Roo heeft anno 2005 nog een solocarrière. Ze zingt bijvoorbeeld bij het koor El Shaddai uit Emmen, waar ze ook als soliste optreedt. Discografie[bewerken]

 

Refrein:

Blauwe korenbloemen plukte jij voor mij

Blauwe korenbloemen

Zonnige dagen die zijn nu voorgoed voorbij

 

Waarom ging jij en liet jij mij zo alleen

Eenzame nachten sinds jij voorgoed verdween

Ben jij mij door die ander zo gauw vergeten

Ik moet steeds denken aan jou

Waarom bleef je mij niet trouw

 

Refrein

 

Leven alleen zo zonder jou valt niet mee

Steeds denk ik aan die vrolijke tijd met ons twee

Ik vraag me af 'zul jij er nog eens aan denken'

En aan mijn liefde voor jou

Waarom bleef je mij niet trouw

 

Refrein

 Zonnige dagen die zijn nu voorgoed voorbij

56. Scheiden doet lijden.

Ook weer een nummer geschreven en gezongen door Willy Derby. Dit lied is al van 1939. Later door heel veel andere overgenomen . de bekenste hiervan zijn wel van De zangeres zonder naam en Willy Alberti.

Wanneer het afscheidsuurtje slaat
En iemand van je henen gaat
Misschien voor lange tijden
Dan zie je zo elkaar eens aan
Je schaamt je eig'lijk voor een traan
Je wilt nog groot doen, beiden
Een vliegeniersvrouw kust haar man
Een kleine storing straks en dan
Zal het geen weerzien geven
Ze zegt: zul je voorzichtig doen?
En denkt: misschien is deze zoen
Een afscheid voor het leven

Scheiden doet lijden
Afscheid brengt leed
Lang kan het duren
Eer je vergeet
Iets wat je lief was
Gaat van je heen
Scheiden doet lijden
Voor iedereen

Wanneer een huwelijk is gestrand
Dan gaan twee mensen scheiden, want
Modern zijn onze zeden
Terwijl zijn koffers 't huis uit gaan
Zegt hij, en blijft nog even staan
Vergeten we 't verleden
Ze antwoordt niet, van haat vervuld
Ze laat hem gaan, hij was de schuld
Dat zo de band moest breken
En 't kind zegt 's avonds: Paps is weg
Maar Mammie, waarom huil je, zeg
Doch Mammie kan niet spreken

Scheiden doet lijden
Afscheid brengt leed
Lang kan het duren
Eer je vergeet
Iets wat je lief was
Gaat van je heen
Scheiden doet lijden
Voor iedereen

Ik had er eens een ouwe hond
Die liep de laatste jaren rond
Met allerhande kwalen
En toen het zo niet langer kon
Liet ik hem voor het eind begon
Door het asyl weghalen
'k Zie nog die trouwe hondekop
Hij sloeg zijn bruine ogen op
En stond mijn hand te likken
En 't was alsof hij zeggen wou:
Dat had ik nooit verwacht van jou
'k Stond als een kind te snikken

Scheiden doet lijden
Afscheid brengt leed
Lang kan het duren
Eer je vergeet
Iets wat je lief was
Gaat van je heen
Scheiden doet lijden
Voor iedereen


57. Fluisterend verlangen.

Dit lied is gemaakt op de melodie van Whispering Hope. Maar wie dit heeft gecomponeerd en wie dit ooit solo heeft gezongen is mij niet bekend. Wel zijn op You Tube diverse opname,s te beluisteren van dit mooie lied.

Zacht als de zang van een engel, 
warm als een zefir vol rust,
Heeft met een innig vertrouwen, 
lieflijk haar stem mij gesust. 
Wacht tot het daagt na het duister, 
eens is de storm opgeklaard, 
Zonneschijn straalt op ons morgen, 
dan is weer alles bedaard.

Fluist’rend verlangen, zo hoopvol zo zoet, 
Schenkt aan mijn hart vol van smart weer de moed. 
Fluist’rend verlangen, zo hoopvol zo zoet, 
Schenkt aan mijn hart vol van smart weer de moed.

Schemering daalt over ’t landschap, 
’t zoekende oog reikt niet ver. 
Schittert niet tegen dat donker, 
helder de glans van een ster? 
’t Leven lijkt dikwijls zo somber, 
ruw als de kolkende zee. 
Eens laat haar stem zich wel horen, 
gevend vertrouwen en vree.

Fluist’rend verlangen ...

58. Wanneer de rozen weer in bloei staan

De Straatzangers was in de jaren vijftig en zestig van de twintigste eeuw een zeer bekend en populair Nederlands zangduo, bestaand uit Max van Praag en Willy Alberti. De heren hadden diverse hits met nummers als Aan het strand stil en verlaten (1955), Als de klok van Arnemuiden (1959) en Aan de voet van de oude Wester (1957). De liedjes zijn later nog diverse malen gecoverd, onder meer door De Havenzangers.


Wanneer de rozen weer in bloei staan 
Dan brengt een schip een zeeman thuis 
Die steeds opnieuw weer zal verlangen 
Naar het kleine dorp en het eigen kleine huis 

Zijn oudjes stonden aan de kade 
Toen hij het zeegat uit zou gaan 
Hij wuifde vrolijk aan de reling 
Maar in zijn stem klonk toch een traan 

refr. 

Er kwamen toen de winterstormen 
Zijn schip zonk roemloos in de zee 
Voorgoed voorbij was zijn belofte 
Die hij gedaan had aan de ree 

Wanneer de rozen weer in bloei staan 
Dan staan twee oudjes aan de ree 
Ze turen naar de wijde verte 
Der eindeloze wrede wrede zee

59. De oude muzikant

Tante Leen (Amsterdam, 28 januari 1912 - Amsterdam, 5 augustus 1992), werkelijke naam Helena Kok-Polder, later Helena Jansen-Polder, was een Nederlandse volkszangeres. Samen met haar gabber Johnny Jordaan mag zij aanspraak doen gelden op de titel "de Beste Stem van de Jordaan". Tante Leen trad pas op 43-jarige leeftijd voor het eerst op. Daarvoor verdiende ze de kost als schoonmaakster en garnalenpelster. Bezoekers van het café waar ze werkte en zong om de gasten te vermaken schreven haar in voor een talentenjacht die platenmaatschappij Bovema had uitgeschreven om de Beste Stem van de Jordaan te vinden. Ze behaalde de tweede plaats achter Johnny Jordaan. Vanaf dat moment luidde haar bijnaam de nachtegaal van de Willemsstraat.

Ginds aan de waterkant
staat een oude muzikant
met zijn viool in de regen.
'tWater druipt van zijn hoed
maar hij blijft welgemoed
al zit het weer hem ook tegen.
En hij speelt terwijl de regen nederdaalt
Avé Maria.
En het lied is als een zonnetje dat straalt
Avé maria.
Het verleden herleeft
en hij stelt zich weer voor
de kerk en het dorp met
het orgel en het koor.
En de regen uit de hemel zingt het weer
Avé Maria

Trouw speel hij iedere keer
het melodietje weer
dat een s zijn vrouw het liefst wou horen.
Als hij het spelen gaat
is het net of ze voor hem staat
klinkt weer haar stem in zijn oren.
En hij speelt terwijl de regen nederdaalt
Avé Maria.
En het lied is als een zonnetje dat straalt
Avé maria.
het verleden herleeft en 
hij stelt zich weer voor
de kerk en het dorp met
het orgel en het koor.
En de regen uit de hemel zingt het weer
Avé Maria


60. Tussen kroegen en kerken.

Petrus Antonius Laurentius (Pierre) Kartner (Elst, 11 april 1935), voornamelijk bekend als Vader Abraham, is een Nederlandse zanger, componist en producer van amusementsliedjes. Hij is ook de man achter het succes van talloze artiesten in het levensliedgenre.

In je leven zijn er dagen en die zitten niet mee
Dan zijn er twee plaatsen, de kerk en het café
Waar je even kunt rusten in stilt' of met een glas
Er is geen mens op de wereld die daar niet even was

Tussen kroegen en kerken
is er weinig verschil
Want drinken en bidden
maakt alle twee stil
Je denkt alleen aan je zonden
bij drank en gebed
Iedereen heeft daar ooit
wel een voetstap gezet

Niemand vraagt in kroeg en kerk wat je bidt of wat je drinkt
Er klinkt steeds een ander liedje als je huilt of als je zingt
Zelfs de klok in de toren lijkt op een bel in 't café
Bij de één de kastelein de kapelaan of dominee

Tussen kroegen en kerken
is er weinig verschil
Want drinken en bidden
maakt alle twee stil
Je denkt alleen aan je zonden
((denkt alleen aan je zonden))
bij drank en gebed
((bij drank en gebed))
Iedereen heeft daar ooit
wel een voetstap gezet

Soms staan ze met z'n tweeën naast elkaar op het plein
((naast elkaar op het plein))
In de kroeg is er bier in de kerk rode wijn
Toch wint de één van de ander als het gaat om publiek
Maar in de hemel of op de aarde is er altijd muziek

Tussen kroegen en kerken
is er weinig verschil
Want drinken en bidden
maakt alle twee stil
Je denkt alleen aan je zonden
((denkt alleen aan je zonden))
bij drank en gebed
((bij drank en gebed))
Iedereen heeft daar ooit
wel een voetstap gezet

Tussen kroegen en kerken
is er weinig verschil
Want drinken en bidden
maakt alle twee stil
Je denkt alleen aan je zonden
((denkt alleen aan je zonden))
bij drank en gebed
((bij drank en gebed))
Iedereen heeft daar ooit
wel een voetstap gezet

Schrijf een reactie: (Klik hier)

123website.nl
Tekens over: 160
OK Verzenden.
Bekijk alle reacties

Nieuwe reacties

09.03 | 20:31

Leuk zo'n liedjes overzicht met daarbij informatie van de artiest die het zingt.
Veel succes gewenst met het zingen hiervan.
Tot zondag

...
15.05 | 12:25

Hallo Hans,
Zou ons wel leuk lijken maar in juni kunnen wij nergens heen omdat onze muzikant en koorleider dan op vakantie is. Succes met verder zoeken.

...
14.05 | 21:49

Hallo, wij zijn van het nkstraatmuzikantenfestival te Elst wat word gehouden op 15 juni a.s. In dat kader zijn we naarstig op zoek naar een leuk koor.

...
30.06 | 12:26

jan zo als altijd weer goede gedaan wij zullen je missen als je straks in frankrijk woont groetjes ineke

...
Je vindt deze pagina leuk